Stookolietanks

Via volgende link met de website van de afdeling Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) van de Vlaamse overheid, kan u alles te weten komen over de verplichtingen inzake onderhoud en/of verwijdering van stookolietanks en stookoliebranders.

 

Op deze website kan u meer informatie vinden over de volgende vragen:

1. Waar vind ik de teksten van de milieuwetgeving?

In het VLAREM (Vlaams Reglement Milieuvergunningen).

 

2. Welke wetgeving is van toepassing?

Het Vlaams Reglement Milieuvergunningen (VLAREM) is van toepassing.

 

Voor de verwarming van woningen wordt er een onderscheid gemaakt tussen:

  • Stookolietanks voor de opslag van minder dan 5000kg gasolie (niet ingedeeld)
  • Stookolietanks voor de opslag van 5000kg gasolie of meer (ingedeelde opslag)
  • Stookolietanks voor de opslag van 5000kg gasolie of meer, wanneer de gasolie gekenmerkt wordt door het symbool GHSO2 (ingedeelde opslag)

3. Moet ik voor mijn stookolietank een milieuvergunning aanvragen?

Stookolietanks voor de verwarming van woningen zijn niet ingedeeld zolang de totale opslaghoeveelheid bij de woning minder dan 5000 kg bedraagt.

Indien de totale opslaghoeveelheid bij de woning meer dan 5000 kg bedraagt dient er een milieuvergunning aangevraagd te worden.

 

4. Wie contacteren voor een onderhoud of controle van de tank: een erkende technicus of een milieudeskundige erkend in de discipline houders voor gassen of gevaarlijke stoffen?

  • Een particuliere stookolietank voor de verwarming van een woning, dient gecontroleerd te worden door een erkende stookolietechnicus.
  • Elke stookolietank, andere dan bovenstaande dient gecontroleerd te worden door een milieudeskundige erkend in de discipline houders voor gassen of gevaarlijke stoffen.
  • Een particuliere stookolietank (opslag minder dan 5000kg) voor de verwarming van een woning dient gecontroleerd te worden door een erkende stookolietechnicus.
  • Wanneer het de opslag betreft van 5000kg gasolie of meer voor de verwarming van een woning dient de stookolietank gecontroleerd te worden door een erkend stookolietechnicus of een milieudeskundige erkend in de discipline houders voor gassen of gevaarlijke stoffen.
  • Elke stookolietank, andere dan bovenstaande dient gecontroleerd te worden door een milieudeskundige erkend in de discipline houders voor gassen of gevaarlijke stoffen.

5. Wanneer moet er een controle plaatsvinden?

  • Wanneer de opslag hoeveelheid kleiner is dan 5000kg
    • Controle bij plaatsing
    • Periodieke controle
  • Wanneer de opslag hoeveelheid 5000kg of meer bedraagt
    • controle bij plaatsing
    • controle bij periodiek onderzoek

6. Ik koop een huis met een stookolietank.
Hoe weet ik of die aan de richtlijnen voldoet en wat moet ik doen als dat niet het geval is?

De exploitante van een stookolietank dient ervoor te zorgen dat de tank steeds in goede staat van werking en onderhoud verkeert en dat elke verontreiniging van het milieu voorkomen wordt. Een stookolietank die voldoet aan de milieureglementering is uitgerust met een groene merkplaat. Een stookolietank die niet voldoet aan de milieureglementering is uitgerust met een oranje of rode merkplaat. Deze is aangebracht door een erkende stookolietechnicus na controle. De verkoper beschikt over  de attesten, opgemaakt door de erkende technicus n.a.v. de uitgevoerde controles.

 

7. Waaraan moet een nieuwe particuliere stookolietank (beneden 5000 liter) voldoen?

Wat betreft de plaatsing moet een stookolietank voldoen aan de bepalingen van titel II van het  VLAREM.

Zo moet de stookolietank voldoen aan bepaalde normen en moet ze worden geplaatst door een installateur die hiervoor gemachtigd is.

 

8. Na een controle door een erkende technicus of milieudeskundige krijgt mijn opslaginstallatie een groene, oranje of rode dop/merkplaat. Wat betekent dit?

  • Een groene dop/merkplaat betekent dat de opslaginstallatie voldoet aan de wettelijke bepalingen en verder mag worden gebruikt.
  • Een oranje dop/merkplaat betekent dat de opslaginstallatie niet voldoet aan de wettelijke bepalingen maar de vastgestelde gebreken geen aanleiding kunnen geven tot verontreiniging buiten de houder. De opslaginstallatie mag nog worden gevuld of bijgevuld tijdens de overgangsperiode van maximum 6 maanden die ingaat de eerste maand volgend op de maand vermeld op de oranje dop.
  • Een rode dop/merkplaat betekent dat de opslaginstallatie niet voldoet aan de wettelijke bepalingen. In dergelijk geval is het verboden de opslagtank te vullen of te laten vullen. De exploitant dient alle nodige maatregelen te treffen overeenkomstig met het verslag van de erkende technicus of erkende milieudeskundige.

9. Hoe een stookolietank definitief buiten gebruik stellen?

Elke stookolietank voor de opslag van minder dan 5000kg gasolie die definitief buiten gebruik wordt gesteld, moet leeggemaakt worden. Een rechtstreeks in de grond ingegraven stookolietank moet bovendien verwijderd worden of bij onmogelijkheid tot verwijderen, in overleg met een erkende stookolietechnicus opgevuld worden met zand, schuim of een ander inert materiaal. De erkende technicus stelt bij de buitengebruikstelling van een ondergrondse stookolietank een certificaat op waaruit ondubbelzinnig moet blijken dat de buitengebruikstelling werd uitgevoerd volgens de regels van het vak. Het certificaat vermeldt o.a. zijn naam en erkenningsnummer.

 

Een ondergrondse stookolietank voor de opslag van 5000kg gasolie of meer moet bij definitieve buitengebruikstelling leeggemaakt en gereinigd worden en binnen een termijn van 36 maanden verwijderd worden of bij materiële onmogelijkheid tot verwijderen, binnen dezelfde termijn in overleg geledigd en gereinigd worden.

Een bovengrondse stookolietank voor de opslag van 5000kg gasolie of meer moet bij definitieve buitengebruikstelling (al dan niet omwille van lekken) leeggemaakt en gereinigd worden en binnen een termijn van 36 maanden verwijderd worden of materiële onmogelijkheid tot verwijderen, binnen dezelfde termijn, in overleg met een erkende technicus of deskundige een certificaat op waaruit blijkt dat de buiten gebruikstelling werd uitgevoerd volgens de regels van het vak.

In alle gevallen dienen de nodige maatregelen betreffende explosiebeveiliging en voorkoming van milieuverontreiniging getroffen te worden.

10. Vragen over de verwarmingstoelage en het Sociaal Stookoliefonds?

Dit is een bevoegdheid van de Federale Overheid, voor meer informatie kan u terecht op volgende link.

 

11. Vragen over het stookoliefonds (sanering van bodemverontreiniging door lekkende stookolietanks bij particulieren)?

 

Hiervoor kan u terecht bij OVAM.

 

12. Mijn stookolietank wordt gebruikt voor andere doeleinden dan de verwarming van mijn woning, welke wetgeving is van toepassing

Stookolietanks mogen enkel gebruikt worden voor de opslag van het product waarvoor ze gebouwd zijn, zijnde stookolie. De stookolie kan wel gebruikt worden voor andere doeleinden dan de verwarming van een woning zoals de bevoorrading van motorvoertuigen, de opstart van noodgeneratoren, de verwarming van kantoren, scholen…

 

VLAREM is van toepassing. Wanneer 200 liter gasolie of meer zonder GHSO2-symbool of 100 kg gasolie met GHSO2 symbool wordt opgeslagen (ingedeelde opslag) moeten de stookolietanks voldoen aan de voorwaarden in titel II van VLAREM. Er dient een melding ingediend te worden bij het college van burgemeester en schepenen. Wanneer er meer dan 50.000 liter gasolie zonder GHSO2-symbool of meer dan 20 ton gasolie met GHSO2-symbool wordt opgeslagen, moet u een milieuvergunningsaanvraag indienen alvorens de stookolietanks te plaatsen.

doorsturen

Organisatie Willebroek - Pastorijstraat 1  - 2830 Willebroek - Tel. 03 866 90 00 - gratis nummer 0800 92830 - Fax 03 886 16 32 - E-mail info@willebroek.be

Contact webmaster